Castratie en sterilisatie van de hond

“Castratie” betekent het wegnemen van de geslachtsklieren (eierstokken of testikels); “sterilisatie” betekent het afbinden van de eileider of zaadstreng. Vaak worden deze termen door elkaar gebruikt. In de diergeneeskunde voeren we vrijwel alleen castratie’s uit (ook bij de teef dus!) omdat bij een sterilisatie het teefje gewoon loops blijft worden. Dit is vaak juist de reden om een dier te laten opereren.

Teef

Er is nogal eens discussie of twijfel over het wel/ niet castreren van de teef. Er zijn een aantal voor- en nadelen. Hier zullen wij proberen u zo volledig mogelijk te informeren zodat u zelf deze beslissing kunt nemen.

Voordelen:

  1. De kans op tumoren van de melkklieren (borstkanker) is veel kleiner als een teefje op jonge leeftijd gecastreerd wordt.
    Als een teefje voor de eerste loopsheid geopereerd wordt, is de kans dat zij later tumoren krijgt ongeveer 0,5 %. Iedere loopsheid stijgt deze kans. Na 4 loopsheden is dit risico al opgelopen tot ruim 25 %. Na een leeftijd van 2,5 jaar stijgt het risico op kwaadaardige tumoren niet meer. De kans op goedaardige tumoren blijft dan nog steeds groter worden.
  2. Bij oudere teefjes ontwikkelt zich in ongeveer 25% een baarmoederontsteking.
    Dit is een levensbedreigende aandoening die meestal alleen maar te verhelpen is door de teef op dat moment alsnog te opereren. De risico’s bij een oudere en zieke teef zijn natuurlijk veel groter dan bij een jonge gezonde hond.
  3. De kans op suikerziekte en acromegalie (een groeihormoonstoornis) wordt kleiner.
  4. U heeft geen loopse teef in huis.
    Dus geen bloedverlies, geen enthousiaste reuen aan de deur, geen kans op een ongewenste dekking als ze ondanks alles toch een keer ontsnapt is en geen schijnzwangere teef na de loopsheid.
  5. De ingreep is eenmalig.
    Na de operatie hoeft u nooit meer te denken aan een volgende loopsheid.

Nadelen:

  1. De ingreep is onomkeerbaar en de hond moet onder narcose.
    Het narcoserisico is echter zeer klein.
  2. Het grootste nadeel is het feit dat de kans op incontinentie toeneemt (het ongemerkt verliezen van druppels urine).
    De kans hierop is gemiddeld 8-9 %. Dit treedt vaker op bij grotere honden (> 20 kg) dan bij kleinere honden. Staartamputatie schijnt hier een negatieve invloed op te hebben. Dit is op dit moment niet meer zo relevant omdat het amputeren van de staart sinds enige tijd niet meer is toegestaan. Er zijn enkele rassen die meer kans hebben op incontinentie na castratie. Vooral de Boxer staat hierom bekend. Andere rassen zijn: Doberman, Riesenschnauzer, Bouvier, Ierse Setter, Bobtail, Rottweiler, Poedel, Newfoundlander en de Schotse Collie. Deze aandoening is vrijwel altijd goed te behandelen met medicijnen mocht dit zich voordoen. In zeldzame gevallen kan een operatie hiervoor nuttig zijn.
  3. Gecastreerde teefjes worden vaak makkelijker (te) zwaar.
    Meestal is het voldoende om een teefje na de operatie iets minder eten te geven.
  4. De vachtstructuur kan veranderen.
    De ondervacht wordt vaak dikker en krulleriger. Met name honden met een lange vacht (bijvoorbeeld Afgaanse windhond, Cocker spaniël, NewFoundlander) hebben hier wel eens last van.

Karakter

Het karakter van de hond verandert meestal niet veel. Meestal worden ze niet slomer. Soms worden ze zelfs wat actiever, speelser en soms ook wat feller.

Alternatieven

Als alternatief om een teefje niet loops te laten worden kan men ook kiezen voor de antiloopsheidprik. Het voordeel hiervan is dat het niet definitief is. Indien men twijfelt of er nog een nestje gefokt gaat worden in de toekomst, kan dit een optie zijn.

Nadelen:

  1. Als men vergeet de hond te laten prikken, kan ze weer loops worden.
  2. De nadelen die hierboven genoemd zijn
    Kans op tumoren van de melkklieren, kans op baarmoederontsteking, suikerziekte en acromegalie is bij gebruik van de antiloopsheidprik onverminderd aanwezig.
  3. Het is op de langere termijn veel duurder voor de eigenaar.

Het is overigens niet waar dat teefjes die een nestje gehad hebben, minder kans hebben op tumoren van de melkklieren.

Reu

De castratie van de reu is een ingreep die vooral uitgevoerd wordt bij dominantieproblemen en bij een voortdurende voorhuidontsteking. Oudere reuen met prostaatproblemen worden ook vaak gecastreerd.

Voordelen:

  1. De reu is minder dominant.
  2. De overmatige belangstelling voor teefjes verdwijnt.
  3. Voorhuidontsteking verdwijnt in bijna alle gevallen helemaal.
  4. De reu snuffelt en plast niet meer voortdurend tijdens de wandeling.
  5. De kans op problemen met de prostaat op latere leeftijd vermindert.

Nadelen

  1. De reu wordt makkelijker dikker.
    Dit is meestal goed op te vangen door hem iets minder eten te geven.

Karakter

De reu wordt meestal wat “makkelijker in de omgang”. De meeste reuen worden niet veel slomer als ze niet te zwaar worden.

Alternatief

Als men twijfelt over de operatie, of als de hond al erg oud is, kan men ook kiezen voor een chemische castratie. Dit gebeurt door een injectie en werkt maar tijdelijk.

Castratie